Geen 1 aprilgrap: De Lijn voert forse prijsstijgingen door
Vanaf 1 april verhoogt De Lijn de tarieven voor het openbaar vervoer in Vlaanderen. De prijsstijgingen variëren gemiddeld met 18 procent.
De prijsstijgingen zijn volgens Het Laatste Nieuws merkbaar voor verschillende soorten tickets. Een standaardticket gaat van 2,5 euro naar 3 euro, terwijl een tienrittenkaart in prijs stijgt van 17 naar 21 euro.
De vijftigrittenkaart wordt ook duurder, van 75 euro naar 90 euro. Een dagticket voor volwassenen gaat van 7,5 naar 9 euro, en voor kinderen stijgt de prijs van 4 naar 4,5 euro. Deze verhogingen gelden vanaf 1 april voor alle reizigers.
Ook abonnementen worden duurder. Het Omnipas-jaarabonnement voor volwassenen tussen 24 en 64 jaar stijgt van 351 naar 416 euro. Voor 65-plussers wordt het abonnement duurder van 56 naar 67 euro. De enige uitzondering is het jaarabonnement voor 18- tot 24-jarigen, dat op hetzelfde tarief van 215 euro blijft.
Daarnaast worden er enkele praktische veranderingen doorgevoerd. De operatorkost van een sms-ticket, die tot nu toe 0,15 euro was, wordt verhoogd naar 0,25 euro. Ook de geldigheidsduur van producten op een elektronische kaart wordt ingekort naar 1 jaar.
Tot slot komt De Lijn met een belangrijke wijziging op het gebied van chauffeursopleiding. Busbedrijven kunnen vanaf 1 april meer nieuwe chauffeurs opleiden op de werkvloer. Tot nu toe mocht een begeleider maar één kandidaat tegelijk opleiden, maar dat aantal wordt nu verhoogd om sneller de nodige chauffeurs in dienst te kunnen nemen.