Theo Francken heeft dé oplossing klaar om relschoppers aan te pakken

Theo Francken rellen Brussel
Afbeelding bron: Photonews

De Belgische regering onderzoekt een opvallende manier om gewelddadige rellen aan te pakken. Minister van Defensie Theo Francken denkt aan een mobiele brigade die militair wordt opgeleid en de politie kan bijstaan. Een nieuwe rijkswacht is voorlopig een denkpiste, maar het voorstel kan belangrijke gevolgen hebben voor de openbare veiligheid.

Theo Francken wil harder kunnen optreden bij zware rellen

De Belgische regering bekijkt hoe Defensie en Binnenlandse Zaken nauwer kunnen samenwerken wanneer de openbare orde ernstig wordt verstoord. Minister van Defensie Theo Francken heeft dat zondag toegelicht in het Franse taalprogramma RTL-TVi. Een van de mogelijkheden is de oprichting van een mobiele brigade die ondersteuning kan bieden bij gewelddadige incidenten.

De aanleiding is het recente geweld in de marge van betogingen. Volgens Francken moet de overheid voldoende capaciteit hebben om burgers te beschermen wanneer een situatie uit de hand loopt. “Als er rellen zijn, dan is het nodig de veiligheid te versterken”, benadrukte de minister.

Een mobiele brigade met militaire opleiding

Francken omschreef het mogelijke nieuwe korps als een “rijkswacht 2.0 onder voogdij van Binnenlandse Zaken”. De bedoeling is dat Defensie instaat voor de opleiding van de betrokken personeelsleden, waarna ze ter beschikking worden gesteld van Binnenlandse Zaken.

De minister wil daarmee een extra capaciteit creëren voor situaties waarin de reguliere politiediensten onder zware druk komen te staan. “We hebben nood aan een operationele reserve die militair is gevormd. Als het geweld zo extreem is, moeten we de burgers kunnen beschermen”, verklaarde Francken.

Hoe groot de brigade zou worden, hoeveel personeelsleden ze zou tellen en welke bevoegdheden ze precies zou krijgen, is voorlopig niet bekend. Ook over de financiering, de uitrusting en de concrete inzetvoorwaarden zijn nog geen definitieve details meegedeeld.

Een belangrijk aandachtspunt wordt de afbakening van de taken. Militair opgeleide personeelsleden die bijstand verlenen aan de politie moeten binnen een duidelijk wettelijk kader werken. Daarbij zullen ook de bevoegdheden, de aansturing en de verantwoordelijkheid bij incidenten moeten worden vastgelegd.

Binnenlandse Zaken bevestigt overleg over de plannen

Ook het kabinet van minister van Binnenlandse Zaken Bernard Quintin bevestigt dat er gesprekken hebben plaatsgevonden. Die passen volgens het kabinet in de bestaande samenwerking tussen politie en Defensie. Daarbij wordt onder meer verwezen naar de beveiliging van bepaalde locaties en gemengde patrouilles met de spoorwegpolitie.

De nieuwe mobiele brigade zou een volgende stap kunnen zijn. Toch is er een belangrijk verschil tussen militairen die de politie ondersteunen en een afzonderlijke eenheid die bij ernstige rellen operationeel kan worden ingezet. Daarover moeten de ministers nog duidelijke afspraken maken.

Wat verandert er voor de Belgische politie?

De verwijzing naar de rijkswacht is niet toevallig. Die dienst combineerde vroeger militaire kenmerken met politietaken. Op 1 januari 1992 werd de rijkswacht losgekoppeld van het ministerie van Landsverdediging en ondergebracht bij Binnenlandse Zaken en Justitie. In het kader van de politiehervorming ging de dienst in 2001 op in de geïntegreerde politie, met een federale en lokale component.

Met een mogelijke rijkswacht 2.0 zou de regering opnieuw bekijken hoe militaire opleiding en binnenlandse veiligheid kunnen worden gecombineerd. Dat betekent niet noodzakelijk dat de vroegere rijkswacht letterlijk terugkeert. Het gaat voorlopig om een voorstel voor een mobiele reserve die de politie bij uitzonderlijke situaties kan versterken.

Voor burgers is vooral de praktische uitwerking belangrijk. Een grotere inzetcapaciteit kan helpen om sneller op te treden bij zware rellen, maar de bevoegdheden van de nieuwe eenheid moeten helder zijn. Ook de verhouding tot de bestaande politie, de opleiding en de controle op het optreden zullen bepalend zijn.