Voorverwarmen op 200 graden: is dat met hetelucht of boven- en onderwarmte?
Je hebt het vast en zeker al eens meegemaakt. Je bekijkt een recept, maar twijfelt aan de temperaturen die erin vermeld staan.
In nagenoeg alle recepten zie je het staan. Verwarm je oven voor op zoveel graden. Bak het voor zoveel minuten op dat aantal graden.
Een heel normale uitleg, maar voor veel mensen ook ontzettend verwarrend. Want gaat het nu om hetelucht of een temperatuur met boven- en onderwarmte? De meeste ovens tegenwoordig hebben immers beide standen.
“Als het niet uitdrukkelijk vermeld staat, mag je ervan uitgaan dat het gaat over de temperaturen voor een traditionele oven met boven- en onderwarmte”, klinkt het bij culiredactrice Sofie van Libelle.
“Gebruik je een warmeluchtoven (of convectie-oven), dan moet je de temperatuur ongeveer 10% (10 à 20 graden) verlagen. Dat komt doordat in een gewone oven de warmte vanaf één plek (of twee, als je boven- en onderwarmte opzet) komt, en dat bij hetelucht de warmte via een ventilator door de hele oven verspreidt wordt en alles dus sneller warm wordt.”
Temperaturen zijn vaak een richtlijn. Het beste is om je eigen oven heel erg goed te kennen. Ook het soort gerecht dat je maakt zal de temperatuur bepalen.
“Voor een gebak dat moet rijzen in de oven (cake, biscuit, brood…) gebruik je best boven- en onderwarmte, omdat het gebak dan gelijkmatiger rijst en minder uitdroogt. Voor een ovenschotel speelt dit bijvoorbeeld veel minder een rol, daar kun je gerust hetelucht voor gebruiken.”