Bijna iedereen maakt deze fout in een fietszone (en dat kan gevaarlijk zijn)

fietszone fietsstraat
Afbeelding bron: Photonews

In steeds meer Belgische steden en gemeenten duiken ze op: de opvallende blauwe borden die het begin van een fietszone aanduiden. Hoewel de fietszone is ontworpen om het comfort en de veiligheid te vergroten, bestaat er onder zowel automobilisten als fietsers nog altijd een hardnekkig misverstand, dat kan leiden tot gevaarlijke situaties.

Veel bestuurders denken namelijk dat fietsers in een fietszone automatisch op elk moment en op elke plek voorrang hebben. Die gedachte is niet alleen onjuist, maar kan in de dagelijkse verkeerspraktijk ook tot gevaarlijke situaties en ongevallen leiden. Om de veiligheid van iedereen te waarborgen, is het van groot belang om de exacte verkeersregels van een fietszone te kennen.

Wat is een fietszone in het Belgische verkeersreglement?

Een fietszone is een afgebakend gebied waar de inrichting van de openbare weg het fietsverkeer centraal stelt. Gemotoriseerd verkeer is er wel toegelaten, maar de aanwezigheid en het gedrag van auto's en motoren worden sterk aan banden gelegd. 

De meest opvallende regel voor gemotoriseerde voertuigen is het inhaalverbod: het is strikt verboden om fietsers in te halen. Daarnaast geldt er voor álle weggebruikers in een fietszone een absolute maximumsnelheid van 30 kilometer per uur. Deze snelheidslimiet geldt dus net zo goed voor snelle elektrische fietsers en speedpedelecs als voor personenwagens. 

De hardnekkige mythe van absolute voorrang

Het beschermde karakter van de fietszone zorgt er vaak voor dat weggebruikers veronderstellen dat fietsers er altijd voorrang hebben. Dit is een gevaarlijke misvatting. Het verbod voor auto's om fietsers in te halen wordt door velen verward met het hebben van voorrang op kruispunten, maar dat zijn twee volstrekt verschillende verkeersregels. 

Een fietser mag in een fietszone de gehele breedte van de rijstrook gebruiken als het een eenrichtingsstraat betreft, of de rechterhelft bij tweerichtingsverkeer. Dat recht op ruimte verandert echter niets aan de geldende voorrangsregels. Alle basisregels rondom voorrang blijven in een fietszone onverminderd van kracht, wat betekent dat fietsers in tal van situaties gewoon verplicht zijn om te stoppen voor ander verkeer.

Kruispunten, voorrangsborden en de regel van rechts

Binnen een fietszone moeten alle bestuurders, inclusief fietsers, nauwlettend rekening blijven houden met de aanwezige verkeersborden en verkeerslichten. Wanneer een fietser een kruispunt nadert waar voorrangsborden staan, moeten deze altijd stipt worden opgevolgd. 

Bevindt zich in de fietszone een kruispunt zonder verkeerslichten of voorrangsborden, dan geldt gewoon de algemene regel van voorrang van rechts. Dit houdt in dat een fietser die rechtdoor rijdt in een fietszone voorrang moet verlenen aan elke bestuurder die van rechts komt op een kruisende weg, ongeacht of die andere bestuurder een auto, een motor of een andere fietser is. 

Verplichtingen tegenover voetgangers op het zebrapad

Naast het verlenen van voorrang aan verkeer van rechts op kruispunten, zien veel fietsers hun verplichtingen ten opzichte van voetgangers over het hoofd. In de Belgische wegcode wordt een fietser beschouwd als een bestuurder. 

Dit betekent dat een fietser in een fietszone exact dezelfde plichten heeft bij een voetgangersoversteekplaats als een automobilist. Wanneer een voetganger aanstalten maakt om over te steken op een zebrapad, of er al op loopt, is de fietser verplicht om te stoppen en de voetganger veilig te laten oversteken.