Ook voetgangers moeten oppassen: veel mensen kennen voorrangsregels voor bussen en trams niet
Dagelijks delen automobilisten, fietsers en voetgangers de weg met bussen en trams. Toch blijkt dat veel weggebruikers niet precies weten welke voorrangsregels voor deze voertuigen gelden. Dat zorgt regelmatig voor gevaarlijke situaties, discussies en zelfs ongevallen. Vooral de uitzonderingspositie van trams en de speciale regeling voor bussen die een halte verlaten, zijn minder bekend dan veel mensen denken.
De tram heeft een bijzondere plaats in de wegcode
Van alle voertuigen op de openbare weg neemt de tram een uitzonderlijke positie in. Volgens de verkeerswetgeving heeft een tram in België vrijwel altijd voorrang op andere weggebruikers. Dat geldt niet alleen aan kruispunten, maar ook in situaties waar veel bestuurders verwachten zelf voorrang te hebben.
De tram heeft zelfs voorrang op alle andere weggebruikers, dus ook op voetgangers. Die regel bestaat niet zonder reden. Een tram rijdt op rails, kan niet uitwijken en heeft een veel langere remafstand dan een auto of fiets.
Ook op kruispunten waar normaal de voorrang van rechts geldt, blijft de tram een uitzondering. Volgens verkeersplatform RAPP hebben trams "altijd voorrang", ongeacht of ze van links of rechts komen. Verkeerslichten, verkeersborden of aanwijzingen van een politieagent kunnen die voorrang uiteraard wel overrulen.
Ook voetgangers moeten rekening houden met trams
Veel mensen denken dat een zebrapad automatisch voorrang geeft aan voetgangers. In de meeste gevallen klopt dat ook. Toch bestaat er een belangrijke uitzondering wanneer een zebrapad over tramsporen loopt.
De Federale Politie stelt dat een voetganger zijn voorrang verliest wanneer een oversteekplaats een trambedding kruist en er een tram nadert. Dat verrast veel weggebruikers. De politie wijst erop dat de functie van een zebrapad normaal is om voetgangers voorrang te geven, maar dat die regel niet geldt tegenover een naderende tram.
De MIVB waarschuwt daarom geregeld dat rode voetgangersoversteken over tramsporen geen voorrang verlenen aan voetgangers. Wie de sporen oversteekt, doet er dus goed aan altijd eerst te kijken of er geen tram aankomt.
Wanneer heeft een bus voorrang?
Ook rond bussen bestaat vaak verwarring. Veel bestuurders weten niet dat een bus van het openbaar vervoer binnen de bebouwde kom een bijzondere bescherming krijgt wanneer die een halte verlaat.
Volgens de verkeerswet moeten bestuurders een bus de kans geven om opnieuw in het verkeer in te voegen wanneer de chauffeur zijn richtingaanwijzer gebruikt.[4] Dat betekent dat auto's indien nodig moeten vertragen of stoppen om de bus te laten vertrekken.
Buiten de bebouwde kom geldt die regel niet. De website PermisSecours verduidelijkt dat bussen en trolleybussen enkel binnen de bebouwde kom voorrang krijgen bij het verlaten van een halte. Op landelijke wegen of gewestwegen buiten de bebouwde kom blijft de gewone voorrangsregeling gelden.
Waarom deze regels belangrijk zijn
De bijzondere voorrangsregels voor trams en bussen zijn niet bedoeld om andere weggebruikers te benadelen. Ze moeten vooral bijdragen aan een veilige en vlotte doorstroming van het openbaar vervoer.
Een tram kan niet uitwijken en heeft vaak tientallen meters nodig om tot stilstand te komen. Bussen die voortdurend moeten wachten om uit een halte te vertrekken, verliezen tijd en veroorzaken vertragingen voor reizigers.
Door deze regels beter te kennen, kunnen weggebruikers veiliger deelnemen aan het verkeer. Dat vermindert niet alleen het risico op ongevallen, maar zorgt ook voor meer wederzijds begrip tussen automobilisten, fietsers, voetgangers en bestuurders van het openbaar vervoer.