Met de elektrische fiets, openbaar vervoer of auto naar het werk: zo groot is het prijsverschil
Hoe ver woon je van je werk? Dat maakt een groot verschil voor je vervoerskeuze. We vergelijken de elektrische fiets, De Lijn en de auto voor 5, 10, 25 en 50 kilometer. Daarbij kijken we naar de echte kosten én naar de vergoeding van de werkgever.
Tot 10 kilometer: kies bij voorkeur de fiets
Woon je 5 kilometer van je werk, dan is de elektrische fiets financieel een interessante keuze. Je hoeft geen brandstof te betalen en de kosten voor onderhoud blijven relatief beperkt.
Een auto kost in ons voorbeeld ongeveer 35 cent per kilometer. Dat is meer dan alleen benzine: ook verzekering, onderhoud, banden, afschrijving en belastingen zitten daarin.
De elektrische fiets kost in ons rekenvoorbeeld ongeveer 25 cent per kilometer bij 5 kilometer. Bij 10 kilometer daalt dat bedrag tot ongeveer 13 cent per kilometer, omdat de aankoopprijs van de fiets over meer kilometers wordt verdeeld.
Bovendien kan je werkgever een fietsvergoeding betalen. In 2026 kan die maximaal 37 cent per kilometer bedragen binnen de fiscale voorwaarden.
Conclusie voor 5 tot 10 kilometer: de elektrische fiets is financieel meestal zeer interessant, zeker als je een fietsvergoeding krijgt. De auto is voor deze korte afstanden vooral interessant als comfort, snelheid of omstandigheden belangrijker zijn dan de prijs.
Van 10 tot 25 kilometer: De Lijn wordt interessant
Bij 10 kilometer blijft de elektrische fiets een sterke optie. Je fietst 20 kilometer per dag en krijgt bij een vergoeding van 37 cent per kilometer een flinke tegemoetkoming. Maar vanaf 25 kilometer verandert de situatie. Dagelijks 50 kilometer fietsen is voor veel mensen minder praktisch.
Daar wordt De Lijn interessant. Een jaarabonnement voor een volwassene van 25 tot 64 jaar kost €499. Daar komt €10 voor de MOBIB-kaart bij.
Voor woon-werkverkeer betaalt de werkgever bovendien minstens een deel van het abonnement. De Lijn vermeldt dat de werkgever in bepaalde gevallen minstens 72 procent van het abonnement terugbetaalt. Bij een abonnement van €509 zou de werknemer in dat voorbeeld nog ongeveer €142 per jaar zelf betalen.
Conclusie voor 10 tot 25 kilometer: de elektrische fiets blijft interessant als je graag fietst en een fietsvergoeding krijgt. Voor wie niet wil of kan fietsen, wordt De Lijn financieel bijzonder aantrekkelijk.
Vanaf 25 kilometer: de auto wordt duur
Wie 25 kilometer van zijn werk woont, rijdt 50 kilometer per dag. Bij 220 werkdagen is dat 11.000 kilometer per jaar. Aan 35 cent per kilometer kost de auto dan ongeveer €3.850 per jaar.
Bij 50 kilometer enkele rit wordt het verschil nog groter. Je rijdt dan 100 kilometer per werkdag, of 22.000 kilometer per jaar. De auto kost in ons voorbeeld ongeveer €7.700 per jaar. Daarmee wordt duidelijk waarom alleen naar de brandstofprijs kijken misleidend kan zijn. Een auto kost ook geld wanneer hij stilstaat.
De De Lijn-Omnipas kost daarentegen niet meer omdat je verder van je werk woont. Dat maakt het abonnement vooral bij langere afstanden interessant.
En wat met het belastingvoordeel van de auto?
De auto kan fiscaal een voordeel opleveren wanneer je aan de voorwaarden voor het aftrekken van werkelijke beroepskosten voldoet. Maar dat betekent niet dat de overheid je volledige autokost terugbetaalt.
Ook belangrijk: je kunt niet zomaar alle mogelijke fiscale voordelen, een werkgeversvergoeding en het beroepskostenforfait bovenop elkaar optellen. De persoonlijke situatie bepaalt wat uiteindelijk fiscaal mogelijk is. Daarom verandert het belastingvoordeel de grote lijn van onze vergelijking niet.
De eenvoudige conclusie
Voor korte afstanden tot ongeveer 10 kilometer is de elektrische fiets vaak de interessantste keuze, zeker met fietsvergoeding. Tussen 10 en 25 kilometer wordt De Lijn steeds interessanter. Vanaf 25 à 50 kilometer heeft het openbaar vervoer in dit rekenvoorbeeld een groot financieel voordeel.
De auto is vooral de praktische keuze, niet de goedkoopste. Zeker bij lange woon-werkafstanden kunnen de totale kosten sterk oplopen. Al heb je natuurlijk het comfort van lekker droog en op je gemak te zitten in een eigen wagen, al moet je er wel de files bijnemen.