Chauffeurs laten zich verrassen door trajectcontrole die plots werkt

flitspaal snelheidscontrole
Afbeelding bron: Shutterstock.com

Je rijdt naar het werk langs een weg die je ondertussen bijna blindelings kent. De kruispunten, de bochten en zelfs de camera’s horen bij het vertrouwde decor. Daardoor let je misschien minder bewust op wat er onderweg verandert. Toch kan die routine je plots duur komen te staan. In twee West-Vlaamse steden merken bestuurders nu dat een vertrouwde installatie niet noodzakelijk dezelfde werking blijft houden.

Trajectcontroles in Ieper en Poperinge zijn actief

In Ieper en Poperinge hebben verschillende bestuurders zich de voorbije weken laten verrassen door trajectcontroles die sinds kort actief zijn. De camera’s stonden er al enkele jaren, maar worden nu daadwerkelijk voor snelheidscontroles gebruikt. Dat zorgt voor reacties bij chauffeurs die regelmatig langs dezelfde trajecten rijden.

De activering van de bestaande trajectcontroles maakt duidelijk hoe misleidend gewenning kan zijn. Aan het uitzicht van de weg hoeft weinig te veranderen, terwijl te snel rijden er voortaan wel wordt vastgesteld. Dat een camera lange tijd geen snelheidsboete opleverde, biedt dus geen zekerheid voor je volgende rit.

Een camera plaatsen is niet hetzelfde als snelheidsovertredingen verwerken

Achter een trajectcontrole zitten verschillende verantwoordelijkheden. Het Agentschap Wegen en Verkeer plaatst installaties en zorgt ervoor dat ze technisch klaar zijn, maar is niet bevoegd voor de operationele uitbating. Daardoor moet je onderscheid maken tussen camera’s die langs de weg staan en het gebruik ervan voor snelheidshandhaving.

Op de overzichtskaart van trajectcontroles betekent de aanduiding ‘geïnstalleerd’ dat de camera’s volledig aangesloten en klaar voor gebruik zijn. Bovendien toont die kaart alleen de installaties van de wegbeheerder. Politiezones kunnen ook zelf trajectcontroles plaatsen. Een ontbrekende locatie op dat overzicht betekent daarom niet dat er geen controle mogelijk is.

Waarom even afremmen bij de camera niet volstaat

Een trajectcontrole werkt anders dan een klassieke flitspaal. Niet alleen je snelheid ter hoogte van een camera telt, maar je gemiddelde snelheid over de afstand tussen meetpunten. Het systeem herkent je nummerplaat en gebruikt de geregistreerde passagegegevens om die gemiddelde snelheid te bepalen.

Bij een te hoge gemiddelde snelheid worden de gegevens doorgestuurd naar de federale politie. Kort vertragen bij een meetpunt en daarna opnieuw versnellen is dus geen betrouwbare manier om binnen de limiet te blijven. De snelheid over het volledige gecontroleerde gedeelte is bepalend.

Voor je dagelijkse rit is een gelijkmatig tempo veel eenvoudiger. Volg de aangeduide maximumsnelheid en blijf ook letten op kruispunten, overstekende fietsers en veranderingen in de verkeerssituatie. De toegelaten snelheid is bovendien een bovengrens: bij slecht zicht of druk verkeer kan trager rijden nodig zijn.

Het doel is rustiger verkeer over een langere afstand

Het verschil met een losse flitspaal gaat verder dan de meetmethode. Bij een puntcontrole remmen sommige bestuurders vlak voor de camera af en trekken ze daarna opnieuw op. Een trajectcontrole stimuleert een gelijkmatiger snelheid over een langer weggedeelte.

Eerdere onderzoeken naar de verkeersveiligheid van trajectcontroles wijzen op minder snelheidsovertredingen en een daling van het aantal ernstige ongevallen. Die algemene onderzoeksresultaten zijn geen afzonderlijke evaluatie van de pas geactiveerde controles in Ieper en Poperinge. Ze verklaren wel waarom dit systeem wordt ingezet.

Voor bestuurders blijft vooral die dagelijkse gewoonte belangrijk. Een bekende weg vraagt nog altijd dezelfde aandacht als een nieuwe route. Baseer je snelheid daarom op de verkeersborden en de omstandigheden, ook wanneer je jarenlang zonder boete langs dezelfde camera’s bent gereden.