Renaat Schotte ondersteunt oproep van baanwielrenner: “Een verstandige prik”

Renaat Schotte
Afbeelding bron: Photonews

Tijdens het WK baanwielrennen in Chili sprak Fabio Van den Bossche zich uit over zijn olympische ambities richting Los Angeles 2028. In dat kader pleitte ploegmaat Lindsay De Vylder voor een Belgische achtervolgingsploeg met gevestigde namen uit het wegwielrennen. Sporza-analist Renaat Schotte schaarde zich achter dat idee.

Schotte ziet potentieel in combinatie met Van Aert en co

Volgens Schotte beschikt België over een uitzonderlijke lichting tijdrijders die ook op de piste inzetbaar zouden kunnen zijn. “België heeft zoveel tijdrittalent. Dat spreekt toch tot de verbeelding”, stelt hij. Namen als Van Aert, Evenepoel, Campenaerts en Lampaert worden daarbij expliciet genoemd als potentiële kandidaten voor een olympisch kwartet.

De Vylder verwees naar Italië als voorbeeld. Daar maken renners als Filippo Ganna en Jonathan Milan al jaren deel uit van een succesvolle achtervolgingsploeg. Schotte sluit zich aan bij die redenering. “Ik zou het zeker zien zitten”, vertelt hij. “Ik vind de oproep van De Vylder een verstandige prik. Hopelijk zet het iets in gang en wordt er eens over nagedacht.”

Volgens Schotte toont het Italiaanse model aan dat een overstap van weg naar piste mogelijk is, zelfs zonder uitgebreide piste-ervaring. “Ze missen op dit moment dan misschien wel de technische bagage, maar Ganna – ook al had die wel een baanverleden – bewijst dat je als wegrenner zeker de piste in je benen kunt krijgen.”

Realisme over obstakels en timing

Toch blijft Schotte voorzichtig in zijn inschatting. Hij wijst op de praktische bezwaren die een dergelijk project bemoeilijken. “Het is op dit moment een heel verre droom”, geeft hij toe. “Je hebt een probleem qua verenigbaarheid van weg- en baanprogramma. Er is het financiële plaatje, de kalender, … er zijn veel obstakels om zoiets te realiseren.”

De combinatie van een druk wegseizoen met de vereisten van een olympisch pisteproject vormt volgens hem een structurele uitdaging. Toch sluit hij het idee niet uit. “Voor België zou het een droom zijn om ooit met zo een kwartet te kunnen uitpakken. De druk zou wel navenant zijn. Toch is het zeker niet verboden om er als liefhebber over te dromen”, besluit hij met de glimlach.