Is goud écht een slimme belegging of niet?

Goud spreekt al eeuwen tot de verbeelding van beleggers. In tijden van oorlog, inflatie of financiële onzekerheid duikt het edelmetaal steevast weer op als ‘veilige haven’. Maar is beleggen in goud vandaag ook echt een verstandige keuze, of vooral een psychologisch vangnet? Banken zoals Keytrade Bank en Rabobank plaatsen daarbij duidelijke kanttekeningen.
 

Waarom goud zoveel beleggers aantrekt

Een van de grootste troeven van goud is dat het losstaat van het financiële systeem. In tegenstelling tot aandelen of obligaties is goud geen schuld en kan het niet failliet gaan. Dat maakt het voor veel beleggers aantrekkelijk in periodes van economische stress of geopolitieke onrust. Historisch gezien zoeken beleggers dan vaker hun toevlucht tot goud, wat de prijs kan ondersteunen.

Daarnaast beweegt goud vaak anders dan aandelenmarkten. Daardoor kan een beperkte positie in goud helpen om schommelingen in een beleggingsportefeuille af te zwakken. Vooral als aandelen en obligaties onder druk staan, kan goud stabiliserend werken. Ook de wereldwijde verhandelbaarheid speelt een rol: goud is liquide en kan doorgaans snel gekocht of verkocht worden.

Rabobank wijst er bovendien op dat goud soms bescherming kan bieden bij hoge inflatie of lage reële rente. Wanneer sparen weinig oplevert en de koopkracht onder druk staat, kijken sommige beleggers opnieuw richting goud.

Wat banken als belangrijke nadelen zien

Toch benadrukken zowel Keytrade Bank als Rabobank dat goud geen klassieke rendementsbelegging is. Het levert geen rente en geen dividend op. Wie in goud belegt, is volledig afhankelijk van een stijgende goudprijs om winst te maken. Dat maakt het fundamenteel anders dan aandelen, die winst kunnen uitkeren, of obligaties met vaste rente.

Ook de volatiliteit mag niet onderschat worden. De goudprijs kan sterk schommelen, zeker op korte termijn, bijvoorbeeld door veranderingen in renteverwachtingen of het marktsentiment. Dat betekent dat goud zeker niet risicoloos is, ondanks het imago van veilige haven.

Bij fysiek goud komen daar nog praktische kosten bij kijken. Opslag en verzekering zijn noodzakelijk en drukken het rendement. Bovendien is goud moeilijk naar waarde te schatten, net omdat het geen kasstromen genereert. Dat maakt het moeilijk om te bepalen of de prijs ‘duur’ of ‘goedkoop’ is.

Rabobank wijst expliciet op het risico dat beleggers instappen wanneer de goudprijs al hoog staat. In zo’n situatie kan een correctie pijnlijk zijn, zeker voor wie goud als korte-termijnbelegging ziet.

Lees ook: Opgelet voor sjoemelaars: gouden tips om goud te verkopen

Hoe banken zelf naar goud kijken

Opvallend is dat Rabobank in haar eigen beleggingsstrategie momenteel geen structurele positie in goud aanhoudt. De reden is duidelijk: goud biedt volgens de bank geen risicopremie zoals aandelen of obligaties dat wel doen. Toch sluit Rabobank niet uit dat goud in specifieke omstandigheden nuttig kan zijn, bijvoorbeeld als tijdelijke bescherming in onrustige markten.

Keytrade Bank benadrukt dan weer dat goud vooral bekeken moet worden als een aanvulling, niet als kern van een portefeuille. Een beperkte blootstelling kan helpen om risico’s te spreiden, maar een zware focus op goud brengt eigen onzekerheden met zich mee.

Tags goud