Interview. Ebola blijft uitbreiden, kan België een importgeval aan? Steven Van Gucht legt uit

Steven Van Gucht

De ebola-uitbraak in het oosten van de Democratische Republiek Congo houdt gezondheidsautoriteiten al enkele maanden bezig en breidt voortdurend nog uit. Hoewel de situatie in Centraal-Afrika ernstig is en de uitbraak nog lang kan aanslepen, is er volgens viroloog Steven Van Gucht geen reden tot ongerustheid in België of de rest van Europa. In een gesprek legt hij uit waarom het virus in Congo zo moeilijk onder controle raakt, hoe België voorbereid is op een eventueel importgeval en waarom de kans op een grote Europese uitbraak bijzonder klein blijft.

Uitbraak in Congo staat nog maar aan het begin

"Het ebolavirus is een probleem dat om de zoveel jaar opduikt in Centraal- of West-Afrika. In die gebieden kan een uitbraak dramatische gevolgen hebben", vertelt viroloog Steven Van Gucht aan Redactie24.

Van Gucht verwijst naar de grote epidemie in West-Afrika in 2014, die meer dan twee jaar duurde. Toen werden ongeveer 30.000 mensen besmet en overleden meer dan 10.000 patiënten. De huidige uitbraak speelt zich af in het oosten van Congo, vlak bij de grens met Oeganda. "Voorlopig staan we nog maar aan het begin van deze uitbraak. Het zou kunnen dat de uitbraak nog maanden, misschien zelfs nog jaren zal duren."

Conflict maakt de bestrijding bijzonder moeilijk

Volgens professor Van Gucht ligt de grootste uitdaging van de bestrijding niet alleen bij het virus zelf, maar ook bij de omstandigheden waarin de uitbraak plaatsvindt. Het oosten van Congo wordt al jaren geteisterd door gewapende conflicten tussen verschillende rebellengroepen. "In dat gebied kan je niet rekenen op bestaande beleids- of volksgezondheidsstructuren om het ebolaprobleem aan te pakken."

Nochtans bestaan er doeltreffende maatregelen om ebola onder controle te krijgen. "Wanneer je het virus op de correcte manier kan bestrijden met isolatie, contactopsporing en een veilige behandeling van de patiënten, krijg je een uitbraak meestal vrij snel onder controle."

Wantrouwen bij de bevolking vertraagt de aanpak

Toch verloopt de bestrijding van ebola in Congo momenteel heel moeilijk. Gezondheidswerkers botsen er geregeld op wantrouwen bij de lokale bevolking. "Veel mensen geloven niet in het bestaan van het virus. Ze denken dat het een complot is van de overheid om mensen te controleren of hen iets toe te dienen dat niet goed voor hen is."

Dat wantrouwen maakt het bijzonder moeilijk om besmette personen op te sporen en verdere verspreiding van het virus tegen te gaan. "Om die verschillende redenen vrees ik dat deze uitbraak nog lang zal aanhouden."

Geen reden tot paniek in België

Ondanks de ernstige situatie in Congo ziet Van Gucht geen gevaar voor een grootschalige uitbraak in Europa. "Ik zie deze ebola-uitbraak als een probleem van Congo en zijn buurlanden. Ik vrees niet voor gevolgen in Europa of België." Dat betekent niet dat er nooit een besmet persoon naar Europa kan reizen.

Enkele weken geleden werd in Frankrijk nog een arts ziek nadat hij in Congo hulp had verleend aan ebolapatiënten. "Zo'n importgeval kan gebeuren, maar je ziet dat zulke gevallen zelden aanleiding geven tot bijkomende besmettingen." Dankzij snelle contactopsporing en isolatie blijft het risico op verdere verspreiding zeer beperkt.

België is voorbereid op een mogelijk importgeval

Volgens Van Gucht beschikt België trouwens over duidelijke procedures voor het geval zich toch een besmetting zou voordoen. "Alle procedures zijn uitgewerkt en iedereen weet wat er moet gebeuren wanneer er een importgeval wordt vastgesteld." Zo zijn er speciale ambulances beschikbaar om patiënten veilig en geïsoleerd te vervoeren.

Daarnaast beschikken gespecialiseerde ziekenhuizen in Antwerpen en Brussel over aangepaste isolatieafdelingen waar patiënten onmiddellijk kunnen worden opgevangen en behandeld. Tegelijk wordt meteen gestart met contactopsporing om iedereen die mogelijk werd blootgesteld aan het virus snel op te sporen en op te volgen.

Waar komt de uitbraak vandaan?

Ebola wordt veroorzaakt door een virus dat van dieren op mensen kan over gaan. Dat gebeurt vaak na contact met besmette wilde dieren, waarschijnlijk vooral vleermuizen. Bij eerdere uitbraken speelde de handel en jacht op wilde dieren een rol. In 2014 was de bron een holle boom met een kolonie vleermuizen waarin kinderen van het dorp speelden. Voor de huidige uitbraak vermoedt Van Gucht echter een andere oorsprong.

"Hoogstwaarschijnlijk ligt de oorzaak deze keer in de mijnbouwsector. In die mijnen leven vaak vleermuizen en die kunnen een bron van besmetting vormen." De huidige epidemie wordt veroorzaakt door de bundibugyo virus, een neef van het ebolavirus. Dit virus heeft eigenschappen die sterk lijken op die van het klassieke ebolavirus.

Waakzaamheid zonder ongerustheid

Volgens Steven Van Gucht is de situatie in Congo ernstig en verdient ze internationale aandacht. Tegelijk benadrukt hij dat de gezondheidszorg in Europa veel beter gewapend is tegen ebola dan de regio waar de huidige uitbraak woedt. Dankzij snelle detectie, isolatie en contactopsporing blijft het risico op een grootschalige verspreiding in België bijzonder klein.