Kan België in oorlog geraken door sabotage van Poetin?

vladimir poetin
Afbeelding bron: Photonews

Een bericht over sabotage in het buitenland voelt misschien even ver weg, tot het over de gevolgen voor ons eigen land gaat. Dan denk je aan je gezin, je veiligheid en de vraag hoe snel zoiets kan ontsporen. Zeker wanneer een mislukte aanval plots in verband wordt gebracht met militaire hulp tussen bondgenoten. Toch zitten er belangrijke stappen tussen een alarmerend incident en deelname aan gevechten. Om te begrijpen waar het risico werkelijk zit, moet je kijken naar wat landen elkaar precies hebben beloofd.

Waarom de aanval in Leipzig zoveel vragen oproept

Nieuwe berichtgeving over een sabotagecampagne tegen NAVO-landen brengt die bezorgdheid dichtbij. Amerikaanse inlichtingendiensten stellen dat Vladimir Poetin persoonlijk opdracht gaf tot een intensivering. Een mislukte aanval met explosieve drones op de luchthaven Leipzig-Halle zou daarvan deel uitmaken. Duitsland zou hebben overwogen Artikel 5 in te roepen als er veel slachtoffers waren gevallen. Dat laatste beschrijft een overwogen scenario, geen genomen besluit.

De vraag voor ons ligt daarmee op tafel: kan een aanval op Duits grondgebied ertoe leiden dat België militair betrokken raakt? Ja, die mogelijkheid bestaat. België heeft als NAVO-lid afspraken gemaakt over hulp aan aangevallen bondgenoten. Maar de aard van die hulp ligt niet vooraf voor ieder mogelijk incident vast.

Artikel 5 verplicht tot hulp, maar schrijft geen vaste militaire reactie voor

De kern van Artikel 5 is dat een gewapende aanval op een bondgenoot als een aanval op alle bondgenoten wordt beschouwd. Daardoor ontstaat een verplichting om het getroffen land bij te staan. Elk land bepaalt welke maatregelen het daarvoor noodzakelijk vindt. Gewapend optreden behoort tot de mogelijkheden, maar hulp kan ook zonder inzet van geweld.

Een Belgische bijdrage zou bijvoorbeeld kunnen bestaan uit logistieke ondersteuning, het delen van inlichtingen of militaire bescherming. Welke bijdrage werkelijk wordt geleverd, hangt af van de aanval, de behoeften van het getroffen land en de besluiten die daarover worden genomen. Dat zijn mogelijke invullingen, geen aangekondigde maatregelen naar aanleiding van Leipzig.

Niet iedere sabotageactie valt onder dezelfde regels

Bij sabotage is vooral de ernst van de feiten belangrijk. Een incident krijgt niet automatisch het etiket ‘gewapende aanval’ omdat er een buitenlandse actor achter zou zitten. Die beoordeling gebeurt per geval. Ook moet het aangevallen land om collectieve actie vragen of daarmee instemmen.

Dat maakt het onderzoek naar daders, schade en omstandigheden zo belangrijk. Landen moeten hun reactie kunnen baseren op vaststellingen. Een vermoeden van buitenlandse betrokkenheid en overtuigend bewijs daarvoor zijn verschillende zaken. Evenmin bestaat er een vaste regel dat een bepaald aantal slachtoffers automatisch tot Artikel 5 leidt.

Ook hybride aanvallen kunnen zwaar genoeg zijn om collectieve verdediging aan de orde te stellen. Daarbij worden bijvoorbeeld sabotage, cyberaanvallen en beïnvloeding ingezet om een samenleving te verzwakken. Zulke acties kunnen bewust onduidelijkheid creëren over de dader en de bedoeling. Juist daardoor is een zorgvuldige beoordeling nodig voordat bondgenoten bepalen hoe ze reageren.

Overleg betekent nog geen deelname aan gevechten

Naast Artikel 5 bestaat Artikel 4. Dat geeft bondgenoten de mogelijkheid om overleg te vragen wanneer hun veiligheid, territoriale integriteit of politieke onafhankelijkheid wordt bedreigd. Die afspraak staat in het NAVO-verdrag. Zo’n overleg kan dus plaatsvinden voordat duidelijk is welke verdere maatregelen nodig zijn.

Voor België betekent deelname aan dat overleg op zichzelf geen oorlogsdeelname. Het gaat om het bespreken van een dreiging en mogelijke antwoorden daarop. Ook hoeven landen niet eerst Artikel 4 te gebruiken voordat Artikel 5 aan de orde kan komen. Het zijn verschillende afspraken met een verschillend doel.

Wat betekent dit concreet voor jou?

Een sabotageaanval in een ander NAVO-land kan dus gevolgen hebben voor beslissingen die ook ons land raken. Bij een ernstige escalatie kan België bijdragen aan de verdediging van een bondgenoot, mogelijk met militaire middelen. Hoe ver die betrokkenheid gaat, valt niet af te leiden uit het woord ‘sabotage’ alleen.

Voor jou is vooral het onderscheid tussen een dreiging, overleg, bijstand en daadwerkelijke gevechten van belang. Een bericht dat Duitsland Artikel 5 overwoog, betekent niet dat België daardoor al aan een oorlog deelneemt. We bespreken hier het ergste dat kan gebeuren. Er is op dit moment niets dat wijst op een dergelijk scenario.