Moeten we ons zorgen maken? Vlaanderen onderzoekt aanwezigheid van schadelijke stof in gebouwen
Vlaanderen zet een nieuwe stap in het onderzoek naar trifluorazijnzuur (TFA) door in 2026 de aanwezigheid van deze stof in gebouwen en de mogelijke impact van ventilatie daarop te onderzoeken. Dat blijkt uit informatie van het Vlaams Departement Omgeving die werd toegelicht door Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns
De aandacht voor TFA neemt de laatste tijd sterk toe, meldt Pieters zelf in een persbericht aan onze redactie. Recent maakte het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) bekend dat het de classificatie van trifluorazijnzuur aanpast op basis van nieuwe wetenschappelijke inzichten.
TFA wordt voortaan beschouwd als een stof die schadelijk kan zijn voor het ongeboren kind en waarvan wordt vermoed dat ze de vruchtbaarheid kan aantasten. Deze nieuwe classificatie onderstreept het belang van verder onderzoek naar de verspreiding en mogelijke gezondheidsrisico’s van deze stof.
Geen Europese gezondheidsnorm
Trifluorazijnzuur is een afbraakproduct van onder meer bepaalde pesticiden en is de kleinste PFAS-molecule. De stof wordt inmiddels op tal van locaties in Vlaanderen in water aangetroffen.
Omdat er momenteel nog geen Europese gezondheidsnorm voor TFA bestaat, heeft Vlaanderen binnen het drinkwaterbeleid al beslist om een specifieke aanpak uit te werken. Daarmee wil het tot een gezondheidsnorm komen bij gebrek aan een Europees kader.
Mogelijke blootstelling binnenshuis
Behalve over de aanwezigheid van TFA in het milieu groeit ook de bezorgdheid over mogelijke blootstelling binnenshuis. Hoewel vervuilende stoffen vaak worden geassocieerd met externe bronnen, kunnen ze ook aanwezig zijn in woningen, scholen en andere gebouwen.
Het Vlaams Departement Omgeving zal daarom een onderzoek starten naar TFA en de aanwezigheid van andere zorgwekkende stoffen in het binnenmilieu. Het geplande onderzoek zal niet alleen de aanwezigheid van TFA in het binnenmilieu in kaart brengen, maar ook nagaan welke rol ventilatie speelt bij de verspreiding ervan. Dat bleek uit het departementale onderzoeksprogramma, dat Pieters kon inkijken.
Elektronische meetsensoren
Het Vlaams Departement Omgeving beschikt over ruime ervaring op het vlak van onderzoek naar binnenluchtkwaliteit. Al sinds 2007 worden metingen uitgevoerd in onder meer woningen en scholen om inzicht te krijgen in de aanwezigheid van ongezonde stoffen in de binnenlucht.
Dankzij technologische ontwikkelingen, zoals geavanceerde elektronische meetsensoren, kunnen onderzoekers de luchtkwaliteit vandaag veel nauwkeuriger en continu opvolgen en kunnen verbeteringsmaatregelen snel worden geëvalueerd. In samenwerking met VITO werd daarom een innovatieve sensorbox ontwikkeld die verschillende schadelijke stoffen permanent kan meten.
Bijkomend onderzoek
TFA ontstaat in de atmosfeer door de afbraak van bepaalde koelmiddelen, emissies en fluorhoudende oplosmiddelen. Het is zeer goed oplosbaar in water en kan daardoor via regen en atmosferische depositie terechtkomen op bodem, water en oppervlakken.
Daarnaast kunnen TFA-houdende stofdeeltjes en aerosolen via ventilatiesystemen of openstaande ramen gebouwen binnendringen. Bijkomend onderzoek moet meer duidelijkheid scheppen over deze processen en bijdragen aan een beter begrip van de risico’s voor de volksgezondheid.