Godsdienstleerkracht ontslagen na ongepaste berichtjes naar één van zijn leerlingen
Een godsdienstleraar in Anderlecht is door de gemeente definitief ontslagen, zo meldt BRUZZ, na het versturen van ongepaste berichten aan een leerlinge uit het vierde middelbaar. De feiten kwamen aan het licht in april 2024 en leidden tot een tuchtonderzoek.
Verontrustende communicatie via WhatsApp
De betrokken leerkracht gaf les in verschillende Franstalige gemeentescholen in Anderlecht en was deeltijds actief binnen het vak orthodoxe godsdienst. De eerste berichten aan de leerlinge dateren van december 2023.
Toen de moeder van het meisje deze ontdekte in april 2024, werd onmiddellijk aangifte gedaan bij de politie. De communicatie omvatte onder meer liefdesgedichten in het Frans en Roemeens, een afbeelding van twee zoenende personen en een bericht met seksuele connotatie.
Geblokkeerd
Na een eerste poging om het contact te blokkeren, kondigde de leerkracht in de klas aan dat hij voortaan via WhatsApp zou communiceren met zijn leerlingen. Hierdoor werd het nummer opnieuw geactiveerd, wat leidde tot verdere berichten.
Lees ook: Leerkracht ontslagen nadat hij eigen leerlingen filmt tijdens omkleden
Daarnaast vond er een incident plaats in de klas waarbij de leerkracht aanbood om de leerlinge naar het toilet te begeleiden. Achteraf verklaarde hij dat dit bedoeld was als een grap.
Tuchtonderzoek en juridische afhandeling
De gemeente Anderlecht plaatste de leerkracht in eerste instantie op non-actief wegens “ongezond, ongepast en dubbelzinnig gedrag naar leerlingen toe”. In september 2024 volgde een disciplinair ontslag. Hoewel de man geen strafblad had, oordeelde de gemeente dat de feiten het vertrouwen van ouders in het onderwijs ernstig konden ondermijnen en reputatieschade veroorzaakten.
Beroep
De leerkracht ging in beroep tegen het ontslag, eerst bij een interne commissie en vervolgens bij de Raad van State. Hij voerde aan dat zijn recht op verdediging was geschonden en dat de inhoud van zijn berichten onjuist was vertaald. De Raad van State verwierp deze argumenten en bevestigde dat het tuchtonderzoek grondig was uitgevoerd.