Interview. Expert waarschuwt: deze fouten maken baasjes vaak met hondenvoeding
Voor veel Belgen is een hond vandaag veel meer dan een huisdier. Steeds meer baasjes beschouwen hun huisdier als een volwaardig lid van het gezin en willen daarom de best mogelijke zorg bieden. Toch worden er nog vaak fouten gemaakt bij de voeding van honden. Elien Van Stichel, secretaris generaal van BEPEFA (de feitelijke vereniging van Belgische fabrikanten of verdelers van dierenvoeding) geeft meer uitleg.
Drie op de vier eigenaars ziet zijn huisdier als gezinslid
Uit het jaarlijkse huisdierenonderzoek van BEPEFA, uitgevoerd door onderzoeksbureau iVOX bij 1.500 Belgen, blijkt dat 61% van de Belgische huishoudens minstens één huisdier heeft. Drie op de vier eigenaars ziet zijn huisdier niet als gewoon gezelschap, maar als een echt gezinslid.
“De resultaten tonen duidelijk dat huisdieren voor de meeste mensen echte gezinsleden zijn geworden. Dat vertaalt zich niet alleen in affectie, maar ook in aandacht voor welzijn, voeding en zorg,” zegt Elien Van Stichel, secretaris-generaal van BEPEFA.
Die sterke band is positief, maar kan er ook voor zorgen dat eigenaars hun hond soms behandelen vanuit menselijke gewoontes. En net daar ontstaan soms misverstanden.
Een hond hoeft niet dezelfde voeding te krijgen als zijn baasje
Een veelgemaakte fout is dat mensen ervan uitgaan dat honden dezelfde voedingsbehoeften hebben als mensen. “Mensen hechten bijvoorbeeld veel belang aan variatie in smaken en ingrediënten. Voor honden ligt dat anders. Hun smaakbeleving verschilt van die van ons en zij hebben niet dezelfde behoefte aan dagelijkse variatie", verduidelijkt Elien Van Stichel aan Redactie24.
Het belangrijkste bij hondenvoeding is niet hoeveel verschillende producten je aanbiedt, maar of de voeding volledig en evenwichtig samengesteld is. Een geschikte voeding bevat alle noodzakelijke voedingsstoffen in de juiste hoeveelheden en verhoudingen.
Daarvoor volgen de leden van BEPEFA de nutritionele richtlijnen van FEDIAF. Deze richtlijnen zijn gebaseerd op wetenschappelijke inzichten en worden opgesteld met de kennis van dierenartsen, nutritionisten en academici.
Niet alle menselijke voeding is veilig voor honden
Voeding die veilig is voor mensen, is niet automatisch veilig voor honden. Sommige voedingsmiddelen kunnen zelfs giftig zijn. Chocolade, druiven en rozijnen, avocado, ui en knoflook behoren tot de bekendste voorbeelden. Daarom is het belangrijk om voorzichtig om te gaan met tafelrestjes en vooral te kiezen voor voeding die speciaal ontwikkeld is voor honden.
“Liefde voor je hond toon je niet door hem hetzelfde te laten eten als jezelf, maar door voeding te geven die afgestemd is op wat je huisdier echt nodig heeft.”
Ook de hoeveelheid voeding speelt een belangrijke rol
Zelfs wanneer een hond kwalitatieve voeding krijgt, blijft de juiste hoeveelheid belangrijk. “Een andere veelvoorkomende fout is dat mensen onvoldoende aandacht besteden aan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid voeding”, benadrukt Elien.
Hoeveel voeding een hond nodig heeft, hangt af van verschillende factoren zoals het gewicht, de leeftijd en het activiteitsniveau. Een actieve jonge hond heeft bijvoorbeeld meer energie nodig dan een oudere hond die minder beweegt.
Daarom staan op verpakkingen van hondenvoeding altijd richtlijnen voor de aanbevolen hoeveelheid. Die informatie helpt eigenaars om hun hond voldoende voeding te geven zonder overvoeding te veroorzaken.
Geef voeding die past bij de behoefte van je hond
De juiste voeding en de juiste hoeveelheid heeft een grote invloed op het welzijn van een hond. Een hond die voeding krijgt die past bij zijn behoeften, heeft meer kans op een gezond gewicht, een goede conditie en een normale energie. Veranderingen zoals veel bijkomen, vermageren, minder actief zijn of problemen met de spijsvertering kunnen signalen zijn om de voeding opnieuw te bekijken. Bij twijfel kan overleg met een dierenarts helpen om de beste keuze te maken.