Interview. Gesteriliseerde hond of kat? Dierenarts geeft advies

photo-collage
Afbeelding bron: Pixabay

Hoeveel voeding je hond of kat elke dag nodig heeft, is niet voor elk dier hetzelfde. Een actieve jonge hond of kat heeft bijvoorbeeld andere behoeften dan een ouder dier dat veelal rustig ligt te slapen. Ook sterilisatie of castratie speelt een rol in de voeding van je huisdier. Maar hoe bepaal je als baasje dan hoeveel voeding je precies moet geven? We vroegen het aan Elien Van Stichel, Secretaris van BEPEFA. 

Leeftijd en beweging spelen een belangrijke rol

Een jonge hond die veel beweegt, verbruikt doorgaans meer energie dan een oudere hond met een rustige levensstijl. Hetzelfde geldt voor katten. Hun energiebehoefte kan verschillen afhankelijk van hun leeftijd en levensstijl.

Ook de levensfase van een dier speelt een rol. Zo heeft een jong dier dat nog volop groeit andere voedingsbehoeften dan een volwassen of ouder dier. Bij katten is bovendien de levensstijl belangrijk. Een kat die veel buiten komt en beweegt, heeft mogelijk andere behoeften dan een kat die voornamelijk binnenshuis leeft.

“Ook sterilisatie of castratie kan een invloed hebben op de voedingsbehoefte van je huisdier. De energiebehoefte kan nadien afnemen, terwijl sommige dieren net geneigd zijn om meer te eten.”

“Als de voeding daar niet op wordt afgestemd, kan dat het risico op gewichtstoename verhogen. Het is daarom belangrijk om na een sterilisatie of castratie het gewicht en de lichaamsconditie goed op te volgen en de voedingshoeveelheid indien nodig aan te passen”, vertelt dierenarts Elien Van Stichel aan Redactie24. 

Kijk eerst naar de voedingsaanbeveling op de verpakking

Een goed vertrekpunt is de verpakking van de dierenvoeding. "De BEPEFA-leden voorzien, in lijn met de FEDIAF-richtlijnen en de geldende regelgeving, aanbevolen voedingshoeveelheden op hun verpakkingen."

Vergeet de snacks niet

“Ook snacks, snoepjes en andere extraatjes leveren energie.” Geef je je hond of kat doorheen de dag regelmatig iets lekkers, dan moet je daar dus rekening mee houden. 

Een hond of kat die naast zijn gewone voeding meerdere koekjes of kauwsnacks krijgt, kan dus daardoor ongemerkt heel wat extra energie binnenkrijgen. 

“Als algemene vuistregel wordt aanbevolen om snacks en andere extraatjes te beperken tot maximaal 10 procent van de dagelijkse energiebehoefte van het dier.” 

Wanneer vraag je advies aan de dierenarts?

Soms volstaat een algemene voedingsaanbeveling niet. "Bij twijfel, of wanneer een dier moet vermageren of specifieke nutritionele behoeften heeft, kan de dierenarts helpen om te bepalen welke voeding en hoeveelheid het meest geschikt zijn", verduidelijkt Elien Van Stichel. "De dierenarts kan daarbij rekening houden met de individuele situatie van je huisdier en helpen om de voeding en hoeveelheid daarop af te stemmen."