Veel baasjes maken steeds dezelfde fout waardoor hun hond minder goed luistert
Een wandeling met je hond lijkt misschien een moment waarop hij vooral zijn energie kwijt kan en lekker mag snuffelen. Toch gebeurt er onderweg veel meer dan je op het eerste gezicht merkt. Kleine gewoontes kunnen bepalen hoeveel aandacht je hond voor jou heeft wanneer er plots iets interessants voorbijloopt. Wat tijdens iedere wandeling opnieuw gebeurt, kan daardoor uiteindelijk behoorlijk hardnekkig worden. En precies daar maken veel baasjes zonder het te beseffen dezelfde fout.
Je hond leert tijdens iedere wandeling
De deur gaat open en je hond schiet meteen naar buiten. Hij trekt naar de eerste struik, bepaalt vervolgens welke richting jullie uitgaan en blijft staan wanneer hij ergens uitgebreid wil snuffelen. Zodra hij iets interessants ziet, moet jij moeite doen om hem tegen te houden.
Herkenbaar? Dan is het verleidelijk om te denken dat je hond gewoon enthousiast is. Dat kan natuurlijk ook zo zijn. Alleen leert hij ondertussen iets anders: trekken en zelf beslissingen nemen brengen hem regelmatig waar hij graag wil zijn.
Stel dat je hond tien meter verderop een interessante geur ruikt. Hij trekt aan de riem en jij wandelt mee. Uiteindelijk bereikt hij die plek. Vanuit zijn standpunt heeft zijn aanpak prima gewerkt. Als dat iedere dag opnieuw gebeurt, kan trekken een gewoonte worden.
Je hoeft niet voortdurend de baas te spelen
Dat betekent niet dat je hond probeert de macht over te nemen. Het oude idee dat je voortdurend moet laten zien dat jij de baas of roedelleider bent, past niet bij de huidige inzichten over hondentraining.
Je hond hoeft dus ook niet de hele wandeling strak naast je been te lopen.
Integendeel. Snuffelen is belangrijk en een wandeling is ook een moment waarop je hond zijn omgeving mag onderzoeken. Geef hem daar gerust de tijd voor. Het verschil zit in de manier waarop die vrijheid ontstaat.
Je kunt je hond bijvoorbeeld eerst rustig enkele meters laten meelopen en hem daarna ruimte geven om te snuffelen. Zo wordt vrijheid iets wat prima samengaat met aandacht voor jou.
Dit is de fout die je beter niet blijft maken
Het probleem ontstaat wanneer je hond bijna altijd succes heeft door aan de lijn te trekken.
Hij wil naar links? Jij gaat mee. Hij wil naar een andere hond? Hij trekt je ernaartoe.
Hij ruikt iets aan de overkant? De lijn gaat strak en uiteindelijk belandt hij daar toch.
Daarmee kun je onbedoeld precies het gedrag versterken waar je tijdens andere momenten last van hebt.
Een eenvoudige manier om dat patroon te doorbreken, is stoppen zodra de lijn strak komt te staan. Wanneer je hond opnieuw rustig meeloopt en de lijn ontspant, gaat de wandeling verder.
In het begin kun je daardoor het gevoel krijgen dat je nauwelijks vooruitkomt. Zeker bij een hond die trekken al lang gewend is, vraagt het tijd en consequent gedrag.
Zorg dat jij interessant blijft
Goed wandelen draait bovendien niet alleen om een losse lijn. Je wilt vooral voorkomen dat je hond tijdens de wandeling compleet vergeet dat jij er ook nog bent.
Probeer daar eens bewust op te letten. Kijkt je hond uit zichzelf naar je? Dat is een mooi moment om hem te belonen. Reageert hij meteen wanneer je zijn naam zegt? Maak duidelijk dat je daar blij mee bent.
Je hoeft hem daarvoor niet voortdurend snoepjes toe te stoppen. Een beloning kan ook aandacht, een spelletje of toestemming om ergens uitgebreid te gaan snuffelen zijn.
Zo ontstaat iets belangrijks: je hond leert tijdens het ontdekken van zijn omgeving regelmatig opnieuw contact met jou te zoeken.
En dan gaat plots de riem af
Hier merk je waarom die dagelijkse wandelingen zoveel verschil kunnen maken. Zolang de riem eraan zit, heb je altijd een laatste redmiddel. Je hond kan honderd meter verderop een konijn zien, maar hij kan er niet zomaar achteraan verdwijnen. Zodra je hem loslaat, valt die fysieke zekerheid weg.
Dan heb je veel meer aan een hond die geleerd heeft om tijdens het wandelen aandacht voor jou te houden. Toch is zelfs dat niet voldoende om hem zomaar los te laten. Een hond die prachtig aan een losse lijn wandelt, kan namelijk nog steeds besluiten om achter een vogel aan te rennen. Daarom moet je terugkomen afzonderlijk trainen.
Waarom zou je hond eigenlijk terugkomen?
Draai de situatie eens om. Je hond is heerlijk aan het snuffelen en ziet verderop twee andere honden spelen. Jij staat tientallen meters verder en roept hem.
Wat heeft hij eraan om naar jou te komen?
Dat is een belangrijke vraag. Terugkomen moet voor je hond aantrekkelijk genoeg worden om iets anders dat op dat moment heel interessant is tijdelijk achter te laten. Begin daarom gemakkelijk.
Oefen eerst thuis of in de tuin. Roep je hond en beloon hem zodra hij naar je toe komt. Gaat dat vlot, dan kun je hetzelfde op een rustige buitenplek proberen. Pas daarna voeg je meer afstand en afleiding toe.
Verwacht niet dat een hond die perfect vanuit de keuken komt aanlopen meteen hetzelfde doet wanneer buiten plots een konijn voor zijn neus wegschiet. Dat zijn twee totaal verschillende moeilijkheidsgraden.
Gebruik een lange lijn als tussenstap
Je hoeft ook niet van een gewone riem rechtstreeks naar volledige vrijheid te gaan. Een lange lijn kan ideaal zijn om buiten verder te oefenen. Je hond krijgt behoorlijk wat bewegingsvrijheid en jij houdt tegelijkertijd een veiligheidsmiddel achter de hand.
Laat hem bijvoorbeeld snuffelen en roep hem op een onverwacht moment terug. Komt hij onmiddellijk? Beloon hem en laat hem daarna gerust opnieuw verdergaan.
Reageert hij buiten nauwelijks zodra er afleiding verschijnt, dan is de training nog niet ver genoeg gevorderd om hem daar veilig los te laten. Dat is geen mislukking. Je hebt gewoon ontdekt waar je verder aan moet werken.
Word vooral niet boos als hij eindelijk terugkomt Hier maken baasjes gemakkelijk nog een tweede fout. Je roept je hond. Niets. Nog eens. Nog altijd niets.
Na meerdere pogingen komt hij uiteindelijk rustig naar je toe wandelen. Tegen die tijd ben jij behoorlijk geïrriteerd en krijgt hij een boze reactie. Probeer dat te vermijden.
Je wilt juist dat aankomen bij jou prettig blijft. Krijgt je hond een uitbrander zodra hij eindelijk terugkomt, dan maak je terugkomen niet aantrekkelijker.
Hetzelfde kan gebeuren wanneer je hem uitsluitend roept om naar huis te gaan. Je hond kan dan leren dat jouw oproep het einde van zijn vrijheid aankondigt.
Roep hem daarom tijdens wandelingen ook wanneer je helemaal niet van plan bent om te vertrekken. Beloon hem, geef opnieuw toestemming om te snuffelen en wandel verder.
Duidelijk zijn zonder hard te worden
Een hond grenzen leren betekent niet dat je hard aan de riem moet rukken, moet schreeuwen of voortdurend moet bewijzen dat jij de baas bent.
Dat is ook helemaal niet nodig. Je kunt veel bereiken door duidelijk en consequent te zijn. Rustig meelopen zorgt ervoor dat de wandeling doorgaat. Aandacht voor jou wordt beloond. Terugkomen is prettig. Hard trekken brengt je hond niet automatisch sneller waar hij graag naartoe wil.
Daarmee geef je hem duidelijke informatie over welk gedrag werkt. En dat is iets heel anders dan proberen iedere wandeling te winnen van je hond.
De belangrijkste training gebeurt terwijl de riem er nog aan zit
Wil je uiteindelijk een hond die meer vrijheid aankan, wacht dan niet met oefenen tot je hem daadwerkelijk loslaat.
Gebruik de dagelijkse wandelingen. Oefen aandacht. Beloon spontaan contact. Werk aan een ontspannen lijn en laat je hond tegelijkertijd voldoende snuffelen. Oefen terugkomen eerst onder gemakkelijke omstandigheden en maak het daarna stap voor stap moeilijker.
Zo hoeft een wandeling geen uur durende trainingssessie te worden. Juist die kleine momenten die iedere dag terugkomen, kunnen veel verschil maken.
Je hond mag absoluut vrijheid krijgen en zelf de wereld ontdekken. Het doel is niet dat hij als een robot naast je blijft lopen. Je wilt vooral dat hij tijdens al die interessante dingen om hem heen één belangrijke gewoonte behoudt: jou niet vergeten.