Meer remgeld voor levensreddende medicatie: Vandenbroucke legt het uit voor wie het niet kan betalen

Frank Vandenbroucke
Afbeelding bron: Photonews

Sinds de start van 2026 gelden nieuwe regels voor het remgeld op terugbetaalde geneesmiddelen. Voor vrijwel alle verpakkingen betaalt de patiënt voortaan minstens twee euro bij, ook wanneer het gaat om middelen die voor sommige mensen levensnoodzakelijk zijn. De maatregel leidde tot vragen en kritiek, onder meer tijdens een uitzending waarin minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke toelichting gaf.

Een kijker van VTM Nieuws vroeg zich af hoe een socialistische minister zo’n beslissing kon nemen. De minister ging in op de achterliggende redenering en benadrukte dat de hervorming volgens hem noodzakelijk is om het systeem betaalbaar te houden, zonder dat financieel kwetsbare groepen extra worden belast.

Nieuwe remgeldregels roepen vragen op

De aanpassing van het remgeld geldt voor bijna alle terugbetaalde geneesmiddelen. Daardoor betalen patiënten ook voor middelen die vaak langdurig worden gebruikt, zoals cholesterolverlagers. Tijdens het interview werd de minister geconfronteerd met de vraag hoe deze beslissing te rijmen valt met zijn politieke achtergrond. De maatregel leidde bij sommige kijkers tot bezorgdheid over de betaalbaarheid van essentiële medicatie.

Minister wijst op nood aan kritischer gebruik

Vandenbroucke verduidelijkte dat de hervorming volgens hem vooral bedoeld is om het gebruik van bepaalde middelen beter te sturen. Hij verwees naar geneesmiddelen die volgens hem te vaak of te langdurig worden genomen. “Medicatie die niet voor iedereen evenveel toegevoegde waarde heeft, daar moeten we kritischer over durven zijn”, stelt Vandenbroucke. Hij noemde daarbij onder meer maagzuurremmers, waarvan het gebruik volgens hem regelmatig onnodig wordt voortgezet. “We gooien daar het geld gewoon over de balk.”

Ook levensreddende middelen vallen onder de maatregel

Dat ook cholesterolverlagers onder de nieuwe regeling vallen, zorgde voor extra gevoeligheid. De minister erkende dat deze middelen voor hartpatiënten essentieel zijn, maar gaf aan dat de kosten voor deze categorie blijven stijgen. Volgens hem is het daarom nodig om te bekijken hoe de uitgaven in balans kunnen blijven. Hij benadrukte dat de hervorming niet bedoeld is om noodzakelijke zorg te ontmoedigen, maar om het systeem duurzaam te houden. “We moeten wel eens nadenken of we daar zóveel geld in moeten blijven steken.”

Bescherming voor financieel kwetsbare patiënten blijft bestaan

Vandenbroucke onderstreepte dat mensen met een beperkt inkomen of hoge medische kosten niet zwaarder worden getroffen door de nieuwe regeling. Hij wees op de werking van de maximumfactuur, die ervoor zorgt dat zorgkosten na het bereiken van een bepaald plafond volledig worden terugbetaald. “Alle medicamenten die terugbetaald worden, vallen mee onder de bescherming van de maximumfactuur.” Voor wie financieel moeilijk rondkomt, verandert er volgens hem dus weinig. “Dat is ook solidariteit”, aldus de minister.

Discussie over betaalbaarheid blijft actueel

Hoewel de minister de maatregel verdedigt als een noodzakelijke stap om de gezondheidszorg betaalbaar te houden, blijft de discussie over de impact op patiënten voortduren. De hervorming raakt zowel frequente gebruikers van medicatie als mensen die afhankelijk zijn van levensreddende middelen. De komende maanden zal moeten blijken hoe de nieuwe regels in de praktijk worden ervaren en of bijkomende aanpassingen nodig zijn.