Straks op veel meer plaatsen zone 30?
Als van van Vooruit afhangt, dan wordt de snelheidsbeperking van 30 km/u verder uitgebreid. De partij pleit ervoor om de zone 30 rond scholen flink te vergroten. Volgens Vlaams parlementslid Stephanie Vanden Eede moet zo een grotere veilige buffer ontstaan waarin kinderen zich veiliger te voet of met de fiets kunnen verplaatsen.
Zone 30 moet verder reiken dan de schoolpoort
Vandaag geldt de zone 30 rond scholen in veel gevallen vooral in de onmiddellijke omgeving van de schoolingang. Vooruit vindt dat onvoldoende. De partij wil dat de snelheidsbeperking wordt uitgebreid naar een gebied met een straal van minstens 300 meter rond de school.
Volgens Stephanie Vanden Eede komen binnen die zone verschillende schoolroutes samen. Kinderen die naar school fietsen of wandelen, bevinden zich daardoor niet alleen vlak voor de schoolpoort in een omgeving met veel kwetsbare weggebruikers. Vooruit wil daarom een grotere bufferzone creëren waarin de snelheid wordt verlaagd.
“Die veiligere bufferzone moet groter”, stelt Vanden Eede. Volgens haar komen binnen een straal van 300 meter rond een school veel schoolroutes samen. Door ook die straten onder de zone 30 te laten vallen, wil Vooruit de verkeersveiligheid op de volledige route naar de school verbeteren.
Vooruit wil uiteindelijk 30 km/u in de hele bebouwde kom
Het voorstel voor grotere zones 30 rond scholen staat niet op zichzelf. Vooruit gaat in zijn verkeersveiligheidsstandpunt nog een stap verder en pleit voor een algemene snelheidslimiet van 30 km/u binnen de bebouwde kom.
Vandaag bedraagt de algemene snelheidslimiet binnen de bebouwde kom in Vlaanderen 50 km/u, al kunnen wegbeheerders daarvan afwijken en op bepaalde plaatsen al een lagere limiet invoeren. Vooruit wil het uitgangspunt omkeren: 30 km/u zou de algemene regel worden, terwijl hogere snelheden alleen nog op daarvoor geschikte wegen zouden kunnen gelden.
Waarom snelheid een belangrijke rol speelt bij verkeersveiligheid
Een belangrijke redenering achter het voorstel is dat snelheid niet alleen een invloed heeft op de kans dat een ongeval gebeurt, maar ook op de ernst van de gevolgen wanneer een botsing plaatsvindt.
Onderzoek van Vias toont aan dat het risico voor kwetsbare weggebruikers sterk toeneemt naarmate de snelheid van het voertuig hoger ligt. Bij een botsing met een wagen is het risico om als kwetsbare weggebruiker te overlijden volgens Vias vier keer hoger in een zone met een snelheidslimiet van 50 km/u dan in een zone van 30 km/u.
Ook de remafstand speelt een rol. Vias berekende dat de stopafstand van een voertuig bij 50 km/u ongeveer dubbel zo lang is als bij 30 km/u. Een lagere snelheid geeft een bestuurder daardoor meer tijd en afstand om een kwetsbare weggebruiker op te merken en te reageren.
Wat gebeurt er bij een ongeval met 30 of 50 km/u?
Vooruit verwijst in zijn standpunt naar cijfers over de overlevingskans bij een aanrijding. De partij stelt dat meer dan 90 procent een ongeval bij 30 km/u overleeft, tegenover slechts 15 tot 20 procent bij 50 km/u.
Die cijfers moeten wel in hun context worden gelezen. Het risico op overlijden hangt onder meer af van de daadwerkelijke impactsnelheid, het type voertuig, de leeftijd en kwetsbaarheid van het slachtoffer en de omstandigheden van de botsing.
Volgens Vias is het verschil tussen 30 en 50 km/u wel degelijk aanzienlijk. In een onderzoek naar voetgangers wordt het sterfterisico bij een botsing met een auto bij 50 km/u veel hoger ingeschat dan bij 30 km/u.
Zone 30 rond scholen als veilige buffer
Met de uitbreiding naar minstens 300 meter wil Vooruit vooral de overgang tussen schoolomgeving en omliggende straten aanpakken. De partij redeneert dat het weinig zin heeft om alleen de laatste meters voor de schoolpoort veiliger te maken wanneer kinderen eerder op hun route nog geconfronteerd worden met hogere snelheden.
De voorgestelde bufferzone moet ervoor zorgen dat meerdere routes naar de school onder hetzelfde snelheidsregime vallen. Voor automobilisten betekent dat een grotere zone waarin 30 km/u geldt. Voor fietsers en voetgangers moet het een omgeving creëren waarin het snelheidsverschil met gemotoriseerd verkeer kleiner wordt.
De discussie gaat daarmee niet alleen over verkeersborden aan de schoolpoort, maar over de manier waarop schoolomgevingen worden ingericht. Ook infrastructuur, veilige oversteekplaatsen, fietspaden en de inrichting van de openbare ruimte spelen een rol in de verkeersveiligheid.
Wat betekent het voorstel voor automobilisten?
Als het voorstel van Vooruit zou worden uitgevoerd, zouden automobilisten in de buurt van scholen op meer plaatsen rekening moeten houden met een maximumsnelheid van 30 km/u. De impact zou het grootst zijn in schoolomgevingen waar vandaag slechts een beperkt gedeelte van de omliggende straten onder een zone 30 valt.
Een algemene verlaging naar 30 km/u binnen de bebouwde kom zou een veel grotere verandering betekenen. Dan zou niet alleen de schoolomgeving veranderen, maar het snelheidsregime in een groot deel van de Vlaamse bebouwde omgeving.