Dit probleem raakt jouw pensioen en sociale zekerheid in België

werkzoekend werkloosheid
Afbeelding bron: Shutterstock.com

België heeft meer werkenden dan ooit, maar toch blijft ons land achterop hinken in Europa. De reden ligt niet alleen bij de werkloosheid, maar vooral bij een veel grotere groep: de inactieven. Dat zijn mensen die niet werken én ook geen werk zoeken. Dit komt met een enorme kost voor de sociale zekerheid en de begroting op een moment dat België het grootste begrotingstekort van de eurozone heeft.

Volgens professor arbeidseconomie Stijn Baert is het aan werk krijgen van de inactieven op arbeidsleeftijd vandaag een van de grootste economische uitdagingen voor België. Meer dan 1,5 miljoen mensen tussen 20 en 64 jaar zijn inactief, en dat heeft grote gevolgen voor de sociale zekerheid en de staatsbegroting.

Werkzaamheidsgraad stijgt, maar België blijft achter

De werkzaamheidsgraad in België bedraagt momenteel 72,8 procent. Dat betekent dat iets minder dan drie op de vier mensen tussen 20 en 64 jaar effectief aan het werk zijn. Dat cijfer ligt hoger dan ooit, maar blijft nog altijd ver onder de doelstelling van 80 procent.

Die 80 procent is belangrijk, omdat een hogere werkzaamheidsgraad zorgt voor meer belastinginkomsten en minder druk op uitkeringen en sociale zekerheid. Ondertussen zijn al tien andere Europese landen erin geslaagd die grens van 80 procent te bereiken. Daar zitten niet alleen Scandinavische landen bij, maar ook landen zoals Tsjechië en Hongarije.

De kloof met Europa wordt groter

België verliest terrein tegenover de rest van Europa. In 2015 bedroeg de kloof in werkzaamheidsgraad met andere Europese landen nog 1,8 procentpunt. In 2025 is dat verschil opgelopen tot 3,3 procentpunt. Dat betekent dat andere landen sneller vooruitgaan dan België, ondanks onze stijgende cijfers.

Volgens professor Baert ligt de oorzaak niet vooral bij de werkloosheid. België zit daar nog relatief in de middenmoot. De echte verklaring zit bij de groep mensen die volledig buiten de arbeidsmarkt staat.

Wie zijn de inactieven?

Inactieven zijn mensen die niet werken én ook niet actief op zoek zijn naar werk. Het kan bijvoorbeeld gaan om mensen die ontmoedigd zijn geraakt op de arbeidsmarkt of personen die vaststellen dat ze heel wat voordelen verliezen indien ze gaan werken. Volgens de cijfers is maar liefst 22,6 procent van de Belgen tussen 20 en 64 jaar inactief. Slechts twee EU-landen doen slechter dan België op dat vlak: Italië en Roemenië.

 

 

Meer dan 1,5 miljoen mensen zonder job én zonder zoektocht

Concreet gaat het om meer dan 1,5 miljoen mensen in België die niet werken en ook geen werk zoeken. Dat is een enorm aantal, zeker als je weet dat Nederland veel beter scoort. 

"Meer dan 1,5 miljoen personen in ons land tussen 20 en 64 jaar zijn inactief. Indien we hetzelfde inactiviteitspercentage als Nederland hadden, telden we een goede 600.000 inactieven minder. Een gigantisch verschil voor onze sociale zekerheid en overheidsbegroting", stelt Stijn Baert op X.

 

 

Grote impact op sociale zekerheid en begroting

Hoe meer mensen werken, hoe meer bijdragen er binnenkomen via belastingen en sociale bijdragen. Dat geld is nodig om pensioenen, gezondheidszorg, werkloosheidsuitkeringen en andere sociale voorzieningen te betalen.

Wanneer een grote groep mensen niet werkt, daalt die inkomstenstroom, terwijl de uitgaven vaak net stijgen. Dat zet extra druk op de sociale zekerheid en maakt het moeilijker om de overheidsbegroting gezond te houden. België kampt al langer met hoge overheidsuitgaven en een stevige begrotingsdruk. Een hoog aantal inactieven maakt dat probleem alleen maar groter.

Politieke agenda

De groep inactieven is erg divers, waardoor er geen eenvoudige oplossing bestaat. Toch groeit de druk om meer mensen opnieuw richting arbeidsmarkt te begeleiden. Het is duidelijk dat de huidige hervormingen niet volstaan. Zonder extra werkenden wordt het steeds moeilijker om de vergrijzing en stijgende sociale uitgaven op te vangen. Daarom zou de werkzaamheidsgraad met stip genoteerd moeten staan in de agenda van de regering-De Wever.