Met deze sport verbrand je de meeste calorieën
Je trekt je sportschoenen aan omdat je fitter wilt worden en meteen rijst de vraag hoeveel dat eigenlijk oplevert. De ene sport vraagt duidelijk meer energie dan de andere, maar het verschil kan groter zijn dan je verwacht. Daarbij maakt het behoorlijk veel uit hoe zwaar je bent en hoe intensief je beweegt. Een rustig uurtje sporten kun je daardoor moeilijk vergelijken met een training waarbij je voortdurend stevig aan de slag bent. Toch zijn er activiteiten die er duidelijk uitspringen wanneer je zoveel mogelijk calorieën wilt verbranden.
Hardlopen behoort tot de grootste calorieverbranders
Hardlopen staat hoog op de lijst. Je verplaatst voortdurend je volledige lichaamsgewicht en gebruikt daarbij grote spiergroepen. Zodra het tempo omhooggaat, heeft je lichaam steeds meer energie nodig.
Iemand van ongeveer 70 kilo kan bij hardlopen aan ongeveer 8 kilometer per uur rond 575 calorieën per uur verbranden. Trek je het tempo stevig op, dan kan dat richting 900 calorieën per uur gaan. Bij een hoger lichaamsgewicht kan het verbruik nog verder oplopen.
Daar zit meteen een belangrijke nuance. Een uur rustig joggen is voor veel mensen haalbaar, maar zestig minuten op hoog tempo lopen is een ander verhaal. Een activiteit kan op papier dus enorm veel calorieën verbranden, terwijl je ze in de praktijk misschien maar kort kunt volhouden.
Touwtjespringen is verrassend intensief
Een springtouw ziet er onschuldig uit, maar enkele minuten springen maken al snel duidelijk hoe zwaar het kan zijn. Je benen blijven voortdurend werken, je armen draaien mee en je romp zorgt voor stabiliteit.
Bij een stevig tempo kan touwtjespringen qua energieverbruik concurreren met intensief hardlopen. Het calorieverbruik kan bij zware inspanning zeer hoog oplopen.
Een volledig uur zonder onderbreking springen is alleen voor weinig recreatieve sporters realistisch. Je kunt daarom beter kijken naar wat je tijdens een volledige training verbruikt dan alleen naar een theoretisch cijfer per uur.
Met fietsen kan het verschil enorm zijn
Fietsen is een mooi voorbeeld van een sport waarbij intensiteit alles verandert. Een ontspannen tochtje naar de winkel vraagt relatief weinig energie. Op een racefiets stevig doortrappen, tegenwind trotseren of een helling beklimmen is een compleet ander verhaal.
Iemand van ongeveer 70 kilo kan bij een stevige fietstraining honderden calorieën per uur verbranden. Naarmate de snelheid en weerstand toenemen, kan het verbruik flink verder stijgen.
Ook op een hometrainer kun je de intensiteit behoorlijk opvoeren. Meer weerstand en een hoger tempo zorgen ervoor dat je lichaam harder moet werken.
Zwemmen zet bijna je hele lichaam aan het werk
Zwemmen verdient eveneens een plaats tussen de stevige calorieverbranders. Armen, benen, schouders en romp werken samen terwijl je voortdurend tegen de weerstand van het water beweegt.
Hoeveel energie dat kost, hangt sterk af van je zwemstijl en tempo. Rustig schoolslag zwemmen is niet vergelijkbaar met intensief baantjes trekken.
Zwemmen heeft bovendien als voordeel dat er minder harde schokken op je lichaam komen dan tijdens het lopen. Voor mensen die hardlopen minder prettig vinden, kan het daardoor een interessant alternatief zijn.
Ook roeien en boksen vragen veel energie
Roeien wordt soms vergeten wanneer het over calorieën verbranden gaat. Toch gebruik je tijdens een stevige roeitraining een groot deel van je lichaam. Je benen leveren kracht, terwijl je romp, rug en armen eveneens hard werken.
Boksen kan net zo pittig zijn. Denk maar aan het voortdurende voetenwerk, stoten, ontwijken en bewegen. Tijdens een intensieve training krijg je nauwelijks rust.
Bij beide sporten maakt de manier waarop je traint veel verschil. Een rustige technische training vraagt aanzienlijk minder energie dan een zware sessie waarbij je hartslag langdurig hoog blijft.
Welke sport staat dan helemaal bovenaan?
Een absolute winnaar aanwijzen is moeilijk. Zeer intensief hardlopen en touwtjespringen behoren tot de activiteiten waarmee je per uur uitzonderlijk veel calorieën kunt verbranden. Snel fietsen, roeien en andere zware trainingen kunnen eveneens hoog uitkomen.
Bij zeer intensieve inspanningen kan het theoretische verbruik bij sommige mensen zelfs boven 1.000 calorieën per uur liggen. Dat betekent niet dat dit voor iedereen haalbaar of verstandig is. Lichaamsgewicht, conditie, tempo, techniek en trainingsduur hebben allemaal invloed op het uiteindelijke cijfer.
Twee mensen kunnen dus precies dezelfde sport beoefenen en toch een heel ander calorieverbruik hebben.