Al die cijfertjes: zo begrijp je alle informatie op je fietscomputer

Fietscomputer
Afbeelding bron: beeld gecreëerd met ai

Een moderne fietscomputer kan tijdens een rit een stortvloed aan cijfers tonen. Snelheid, vermogen, hartslag, cadans en FTP zeggen allemaal iets anders. Wie begrijpt wat de cijfers betekenen, kan veel gerichter trainen.

Wattage vertelt hoeveel kracht je levert

Wattage is het vermogen waarmee je op dat moment trapt. Het wordt uitgedrukt in watt. In tegenstelling tot snelheid wordt vermogen veel minder rechtstreeks beïnvloed door wind. Wie 250 watt trapt, levert ongeveer hetzelfde mechanische vermogen ongeacht of hij met wind mee of tegenwind rijdt. Dat maakt wattage bijzonder interessant voor training.

Een fietser kan bijvoorbeeld proberen een interval gedurende tien minuten rond een bepaald vermogen te rijden. De fietscomputer laat dan onmiddellijk zien of de inspanning overeenkomt met het doel.

FTP is je belangrijke referentiepunt

FTP staat voor Functional Threshold Power. Het is een schatting van het vermogen dat je gedurende langere tijd rond je functionele drempel kunt volhouden.

TrainingPeaks beschrijft verschillende manieren om FTP te bepalen. Een veelgebruikte methode is een zware inspanning van twintig minuten, waarbij 95 procent van het gemiddelde vermogen als schatting van FTP wordt gebruikt. 

FTP is vooral nuttig omdat trainingszones vervolgens aan die waarde kunnen worden gekoppeld. Stel dat je FTP 250 watt is. Dan kun je trainingen bijvoorbeeld programmeren rond percentages van die waarde. Een stijgende FTP betekent doorgaans dat je bij een vergelijkbare inspanning meer vermogen kunt leveren.

Hartslag vertelt hoe je lichaam reageert

Hartslag is iets anders dan wattage. Vermogen vertelt wat je op de pedalen produceert. Hartslag vertelt hoe je cardiovasculaire systeem op de inspanning reageert. Dat verschil is belangrijk.

Op een warme dag kan je hartslag bij hetzelfde vermogen hoger liggen. Ook vermoeidheid, stress, cafeïne en slaap kunnen invloed hebben.

Hartslag is daarom bijzonder nuttig om de interne belasting te volgen, terwijl vermogen vooral de externe prestatie meet.

Cadans en snelheid maken het plaatje compleet

Cadans is het aantal omwentelingen van je pedalen per minuut. Een hogere cadans betekent niet automatisch dat je sneller rijdt. Je kunt met een lichte versnelling en hoge cadans dezelfde snelheid rijden als met een zware versnelling en lage cadans.

Snelheid blijft ondertussen nuttig om je actuele tempo te kennen, maar is voor trainingsanalyse minder betrouwbaar wanneer wind of hellingen veranderen. Daarom kan een combinatie van cijfers veel meer vertellen dan één afzonderlijke waarde.

Wie bijvoorbeeld 250 watt trapt met een hogere hartslag dan normaal, kan vermoeid zijn of in warme omstandigheden rijden. Wie dezelfde hartslag heeft maar minder wattage produceert, kan eveneens vermoeidheid ervaren.

De kunst is dus niet om naar één getal te staren, maar om vermogen, hartslag, cadans en omstandigheden samen te bekijken. Een fietscomputer is uiteindelijk geen rapportkaart. Een lager wattage op een rustige herstelrit is geen slechte prestatie. En een hoge hartslag is niet automatisch een teken van een goede training.