Heb je €10.000 op je spaarrekening? Dan verlies je honderden euro's

sparen

Je hebt 10.000 euro op je spaarrekening staan en krijgt daar netjes interest op. Toch word je financieel een beetje armer. De inflatie in België loopt in oktober op tot 5,26 procent, terwijl zelfs de best renderende spaarrekeningen die je zonder maandelijkse stortingslimiet kunt gebruiken, volgens de vergelijking van Spaargids slechts 2,2 procent interest opleveren. Het gevolg? Je spaargeld groeit op papier, maar je kunt er steeds minder mee kopen. En dat verschil is groter dan je misschien denkt.

Inflatie van 5,26 procent: je geld verliest koopkracht

Inflatie betekent dat goederen en diensten gemiddeld duurder worden. Denk aan je boodschappen, energiefactuur, verzekeringen en andere dagelijkse uitgaven. Wanneer de inflatie stijgt, heb je dus meer geld nodig om hetzelfde te kopen.

In oktober bedraagt de inflatie 5,26 procent. Dat betekent niet dat elk product precies 5,26 procent duurder wordt, maar wel dat het algemene prijsniveau met dat percentage stijgt tegenover dezelfde periode een jaar eerder.

Voor spaarders is dat slecht nieuws. De rente op een spaarrekening moet immers minstens even hoog zijn als de inflatie om de koopkracht van je spaargeld te behouden. En daar wringt het schoentje.

Je krijgt 2,2 procent interest, maar verliest toch geld

Volgens Spaargids bedraagt de hoogste rente op een spaarrekening zonder maandelijkse stortingslimiet momenteel 2,2 procent. Dat klinkt op het eerste gezicht niet slecht. Je ontvangt immers een vergoeding voor het geld dat op je rekening staat.

Maar wanneer we die rente vergelijken met de inflatie van 5,26 procent, ontstaat een duidelijk probleem. Je spaargeld brengt minder op dan de prijzen stijgen. Het verschil bedraagt maar liefst 3,06 procentpunt.

Dat betekent dat je spaargeld wel aangroeit in euro's, maar achteruitgaat in koopkracht. De bank betaalt je dus interest, maar die volstaat niet om de duurdere levensduurte te compenseren.

Hoeveel verlies je op 10.000 euro spaargeld?

Laten we de impact concreet maken. Stel dat je 10.000 euro op een spaarrekening hebt staan die jaarlijks 2,2 procent interest oplevert. We gaan ervan uit dat de rente een volledig jaar behouden blijft en dat je geen geld stort of afhaalt. Na één jaar ontvang je 220 euro interest. Je hebt dan 10.220 euro op je rekening staan. Op papier ben je dus 220 euro rijker geworden.

Maar door de inflatie zijn goederen en diensten gemiddeld 5,26 procent duurder geworden. Om dezelfde koopkracht te behouden, had je eigenlijk 10.526 euro nodig. Je komt dus 306 euro tekort tegenover dat bedrag.

Als we rekening houden met de ontvangen interest en de gestegen prijzen, bedraagt de werkelijke koopkracht van je 10.220 euro nog ongeveer 9.709 euro in vergelijking met een jaar eerder. Je verliest dus ongeveer 291 euro aan koopkracht.

Het verschil is belangrijk: je verliest geen 291 euro op je bankrekening. Je ziet daar nog altijd 10.220 euro staan. Alleen kun je met dat bedrag minder kopen dan een jaar eerder.

Waarom sparen momenteel weinig opbrengt

Sparen blijft voor veel gezinnen belangrijk. Het geld op een spaarrekening is relatief gemakkelijk beschikbaar en vormt een financiële buffer voor onverwachte uitgaven. Maar wie zijn spaargeld jarenlang onaangeroerd laat staan, moet ook rekening houden met de inflatie.

Zolang de rente lager ligt dan de inflatie, vermindert de koopkracht van het spaargeld. Zelfs wanneer de bank interest uitbetaalt, kan de spaarder er dus financieel op achteruitgaan.

Dat betekent niet dat een spaarrekening plots geen nut meer heeft. Voor geld dat je op korte termijn nodig kunt hebben, blijft beschikbaarheid belangrijk. Het is wel verstandig om te beseffen dat een hoge inflatie een flinke hap uit de waarde van je spaargeld kan nemen.