Veel werknemers met een bedrijfswagen weten dit niet: vanaf 2027 verandert er heel wat
Voor werknemers met een bedrijfswagen staan er belangrijke veranderingen op stapel. Vandaag ligt een groot deel van de beslissing nog bij de werkgever, maar daar wil de federale regering verandering in brengen. Daardoor kan er voor heel wat werknemers een extra keuze bijkomen binnen hun loonpakket. Vooral mensen die hun wagen weinig gebruiken of dagelijks veel tijd verliezen in het verkeer, kunnen daar voordeel uit halen. De geplande regeling moet vanaf 2027 een belangrijke stap zetten.
Bedrijfswagen inruilen voor mobiliteitsbudget
Het mobiliteitsbudget bestaat al enkele jaren en geeft werknemers de mogelijkheid om hun bedrijfswagen of het recht daarop in te ruilen voor een budget. Dat geld hoeft niet simpelweg gebruikt te worden voor een andere auto.
Het budget is verdeeld over drie pijlers. Zo kan je kiezen voor een milieuvriendelijke bedrijfswagen, maar ook voor duurzame vervoersmiddelen zoals een fiets of het openbaar vervoer. Onder bepaalde voorwaarden kunnen ook huisvestingskosten in aanmerking komen. Geld dat daarna nog overblijft, kan worden uitbetaald, waarbij een bijzondere werknemersbijdrage geldt.
Dat maakt het systeem interessant voor iemand die bijvoorbeeld dicht bij het werk woont, regelmatig thuiswerkt of de dagelijkse files liever vermijdt.
Vanaf 2027 moet er meer veranderen
Momenteel beslist een werkgever in principe zelf of het mobiliteitsbudget binnen de onderneming wordt ingevoerd. De federale regering wil die vrijheid beperken.
Het plan is dat ondernemingen met minstens 50 werknemers vanaf 1 januari 2027 het mobiliteitsbudget verplicht aanbieden aan werknemers die recht hebben op een bedrijfswagen. Voor bedrijven met 15 tot 49 werknemers zou die verplichting vanaf 1 januari 2028 ingaan. Werkgevers met minder dan 15 werknemers zouden vrijgesteld blijven.
Er gelden daarnaast nog andere voorwaarden en uitzonderingen. Zo speelt onder meer mee hoelang een werkgever al bedrijfswagens ter beschikking stelt.
Werknemer blijft zelf kiezen
Een verplicht aanbod betekent niet dat je straks verplicht afscheid moet nemen van je bedrijfswagen. De keuze blijft bij jou. Wil je gewoon met je bedrijfswagen blijven rijden, dan kan dat binnen de voorziene regeling.
Het grote verschil zit aan de kant van de werkgever. Bedrijven die onder de nieuwe verplichting vallen, zouden het alternatief niet langer zomaar naast zich neer kunnen leggen. Een werknemer met recht op een bedrijfswagen krijgt daardoor meer mogelijkheden om zijn mobiliteit af te stemmen op zijn eigen situatie.
Toch is er nog een belangrijke kanttekening. De ministerraad keurde in januari 2026 een voorontwerp goed waarin 1 januari 2027 als startdatum staat. De definitieve wetgeving was eind augustus 2026 echter nog niet rond. De precieze regels kunnen daardoor nog wijzigen voordat de verplichting daadwerkelijk ingaat.